zondag 8 mei 2016

Terugblikken en vooruitkijken

Ik las deze week een artikel over het toepassen van formatieve toetsen in het voortgezet onderwijs.




In het MBO hebben kennen we de formatieve toetsen al jaren en ze hebben een bijzondere betekenis. Een toets afnemen, dit beoordelen en een oordeel vellen over de leerprestaties. Formatieve toetsen tellen echter niet mee in een eindbeoordeling. Ze meten de stand van zaken op dat moment. Studenten in het MBO weten dit snel genoeg en vragen dan ook vaak genoeg: "Telt deze toets mee?" Het antwoord is dan heel eerlijk: "Nee, deze telt niet mee, ik wil alleen weten wat je al weet". Vervolgens doet de student er niet veel voor, telt toch niet mee..... (dit verandert blijkbaar niet, ik was niet anders).

Ik vroeg me af, waarom wil het VO formatieve toetsen gaan toepassen als het MBO (wij als Hotelschool) er niet tevreden over zijn. Dus tijd voor wat verdieping, het is tenslotte toch vakantie.

Nogmaals het boek "Leren zichtbaar maken" van John Hatti erbij gepakt en wat gezocht en gelezen op Internet, vooral eens gekeken wat de functie van het formatieve toetsen eigenlijk is.

In het MBO worden kwalificerende/ summatieve examens afgenomen tegen het einde van een opleiding of als een complete kerntaak (onderdeel van een opleiding) kan worden afgesloten. Vaak is dat op het eind van een schooljaar of zelfs op het einde van een opleiding.
Het meten van tussentijdse (formatief) resultaten mag niet als beslissend oordeel meetellen. Wat overblijft voor het formatieve meten is bij ons op de huidige werkwijze en dan heeft het weinig betekenis (in het algemeen, uitzonderingen daargelaten). Deze formatieve toetsen tellen tenslotte niet mee, en de student doet er niet veel voor om goede resultaten te behalen.

Bij kwalificerende/ summatieve examens kijk je terug naar wat de student geleerd heeft en dit kan laten zien bij het kwalificerende/ summatieve moment van examinering. Dus terugblikken.....

Formatieve toetsen zouden eigenlijk een andere insteek moeten hebben. De student voorzien van feedback om ervoor te zorgen dat het gestelde einddoel behaald wordt. Bij formatieve toetsen of eigenlijk beter formatieve evaluatie kijk je terug (feedback): Waar sta je nu en wat heb je nog nodig om bij het einddoel te komen? Het uiteindelijke einddoel, het kwalificerende/ summatieve examen(s).

Leren is eigenlijk het vaststellen van je (eind)doel(en), dit vaststellen is de "feedup". Formatieve toetsen laten de student zien hoe ver hij is met het behalen van zijn doelen en daar feedback op geven. Om het leren nog beter te faciliteren bestaat er de "feedforward". Dit geeft aan wat er vanaf het meetmoment nog geleerd moet worden om bij je einddoel te komen. Dit is vooral vooruit kijken. In het leerproces kun je hier mooie persoonlijke doelen van maken. Zo persoonlijk dat de student er echt zelf eigenaar van is en wordt. Niet opgelegd door een docent maar gestimuleerd en begeleid door de docent (de coach). Tenslotte bestaat de feedforward uit datgene wat nog geleerd moet worden om van de huidige situatie naar het (eind)doel te komen.

Samengevat:
Formatieve evaluatie kijkt terug en kijkt nadrukkelijk vooruit.
Summatieve evaluatie kijkt alleen terug en bepaalt of je het einddoel behaald hebt. Deze resultaten zijn in het MBO bepalend voor het behalen van een diploma.

Blijkbaar hebben wij de formatieve toetsen verkeerd ingezet. We hebben alleen maar teruggekeken!

Tijd dus om vooruit te kijken. Dat gaan we ook doen met de toekomstige projectweken. Aan de slag met feedup, feedback en feedforward.

Na deze zonnige vakantie kijk ik met een goed gevoel vooruit naar onze nieuwe formatieve aanpak.
Terugblikken en vooruit kijken.

zondag 24 april 2016

Tijd

Een klein woord, maar zegt zoveel.

Tijd over, tijd tekort, wat gaat de tijd snel en soms lijkt de tijd juist niet voorbij te gaan.
De tijd achterhaalt ons wel. Wat nu bij de tijd is, is morgen achterhaald. Denkende dat je tijd genoeg hebt, blijkt dat je tijd tekort hebt.

Dit allemaal is van toepassing bij een verandering. Je lijkt tijd genoeg te hebben, en nu concluderen we wellicht we hebben tijd tekort. We moeten nog zoveel! En de tijd tikt door. Dit doet de tijd al heel lang op dezelfde wijze, tik na tik, seconde na seconde.

Waar halen we toch de tijd vandaan als een dag maar 24 uur telt en we zoveel willen. Nog zoveel willen om te verbeteren in een korte tijd.

Je wilt teveel in een te korte tijd, dat is wat ik de laatste tijd weleens hoor.

Dat zal dan ook wel de crux zijn. Wat is beter? Veel willen in een korte tijd of veel willen maar verspreid over een  langere periode. Soms is voor beide wat te zeggen, ik ben van mening dat we nu de kans moeten grijpen om veel veranderingen op te pakken en door te zetten.

De grote verandering in Berlijn toen de muur viel.

Een verlangzaming van het proces zou niets hebben opgelost en de dissonanten en conflicten alleen maar hebben verscherpt. De problemen die er zijn gaan toch niet weg, maar met hoeveel verbittering die ook uitgevochten zullen worden, het is beter dat in een kader te doen dat voor de meerderheid aanvaardbaar is, zodat het stelsel tenminste staat. Als je bedenkt tot wat voor modderigheid, ressentiment, woede en angst een aarzelend beleid gevoerd zou hebben kun je het met deze regering alleen maar eens zijn dat ze snel gehandeld hebben.”
(Cees Nooteboom)

Wat dacht je van de veranderingen bij de bedrijven, die gaan ook snel, denk aan Apple, Samsung, DSM en diverse hotelketens die allemaal nadenken over een continue verandering. Als bedrijven niet veranderen sterven ze uit. Dus aanpassen en veranderen gaat met enige snelheid gepaard anders zijn ze te laat en heeft de concurrent ze ingehaald.

In het onderwijs is de snelheid van veranderen geen gemakkelijke, je loopt vaak achter de feiten aan en veranderen is niet makkelijk binnen de structuren die al jaren bestaan. Een professional in het onderwijs wil graag meedenken en heeft er een mening over, dat is een goede zaak, kritisch moeten we blijven. Soms is het ook lef hebben om te veranderen. Soms is een structurele verandering een opstap naar een verbetering, die structurele verandering is soms noodzakelijk en van levensbelang. Uiteindelijk willen we toch verbeteren. Bij een veranderingsproces is altijd ruimte om te evalueren en gaandeweg bijstellen blijft mogelijk en noodzakelijk. Steeds bijsturen, maar wel op koers blijven. De koers van de verandering wel blijven volgen.

Niet alleen het bedrijfsleven heeft met de factor tijd te maken om te overleven, hetzelfde geldt ook voor de sport.

Een voetbalteam dat tijdens de wedstrijd al snel op achterstand komt en niet verandert in speelstijl zal niet winnen. Zij hebben misschien maar 89 minuten om te veranderen. Vaak zelfs minder tijd .....
Daphne Schippers wint of verliest op misschien wel een honderdste van een seconde. Ik las in de krant dat ze haar trainingsopzet verandert heeft om uiteindelijk de snelste vrouw van de wereld te willen zijn.

De tijd zal het leren of de veranderingen leiden tot een verbetering om uiteindelijk de wedstrijd te winnen. Ander onderwijs, toegerust op de toekomst.

De tijd tikt door .........







zaterdag 16 april 2016

Verbondenheid

Een synoniem voor verbondenheid is een band met elkaar hebben.

'Band of Brothers', de titel van een serie over een groep Amerikaanse soldaten (Screaming Eagles) tijdens de 2e wereldoorlog. Gisteravond heb ik, sinds lange tijd, weer een stukje gezien over de 'band' van deze soldaten tijdens de gevechten bij Bastogne. Ook al is het tv en een serie het raakte mij wel!

Doordat ik er niet bij was kan ik niet weten hoe het echt is geweest. Als je de beelden ziet lijkt het me echt een verschrikking. Des te meer kan ik me voorstellen dat er in zo'n situatie saamhorigheid, solidariteit, binding, een verstandhouding en een lotsverbondenheid moet zijn om dit te overleven.


De 'band' of de verbondenheid die je met elkaar hebt zie je overal. Thuis met je gezin, in je woonomgeving, met je ouders, broers en zussen.

Je ziet het ook in de sport, wil je winnen dan kun je alle woorden die bij de Screaming Eagles belangrijk waren kopiëren. Zonder een soort van verbondenheid win je niet in de sport.

De verbondenheid zie je ook op het werk, iets bindt je in/ aan het werk.

Dit kunnen de collega's zijn, het product welk geproduceerd wordt, het kan de leidinggevende zijn, dezelfde passie of in het onderwijs zelfs de studenten. Een 'band' omdat je aan dezelfde opleiding les geeft, hetzelfde vak onderwijst. Een collegiale 'band' zal niet de eerste reden zijn om ergens te gaan werken. Je gaat ergens werken vanwege een andere 'band', het product, de passie of het vak. Een 'band' aangaan met de collega's gebeurt als je elkaar beter kent. De soldaten van 'Screaming Eagles' waren in eerste instanties onbekenden van elkaar en streden uiteindelijk samen om hetzelfde doel, vrijheid.

Bijzonder is het dan ook dat docenten vaak alleen in de klas staan, de verbondenheid wordt dan gecreëerd met de student. Als de verbondenheid echter niet wederzijds is kan de binding, de relatie er onderdoor gaan. Vaak is dan de verstandhouding niet best. Les geven wordt dan alleen maar moeilijker, geen 'band' met elkaar, geen saamhorigheid en dus geen verbondenheid en daardoor wellicht met minder plezier voor de klas.

De verbondenheid buiten de klas zit hem in de collega's, het vakgebied of een opleiding. De kracht van een 'band' gaat echter verder dan je directe collega's.

Verbondenheid is noodzakelijk met alle collega's, de leidinggevende, de facilitaire ondersteuning, het bedrijfsleven en de studenten. Als je je niet verbonden voelt met de student ga je beginnen aan een individueel gevecht. Iedereen die een gevecht wil winnen heeft het dan zwaar, een 'gevecht' win je niet alleen. Een gevecht win je alleen als er een 'band' en dus verbondenheid is.

Daarom ben ik blij dat we met twee 'banden' gaan werken. Een horizontale 'band' die opleidingsoverstijgend per leerjaar is en met een verticale 'band' die opleidingsspecifiek is. Beide 'banden' versterken elkaar. Vooral omdat verschillende persoonlijkheden en verschillende individuele competenties bij elkaar komen. Dat lijkt mij geweldig om zo de student optimaal te ontwikkelen en te begeleiden. Samen om te ontwikkelen en niet alleen om te vechten.

Dit zag je ook bij de 'Screaming Eagles', verschillende persoonlijkheden die met elkaar verbonden waren.

Verbondenheid speelt een grote rol bij intrinsieke motivatie.

zaterdag 9 april 2016

Een nieuwe bakker

Zaterdagmorgen ga ik altijd naar de bakker. Lekker brood voor het weekend en een kleine voorraad in de diepvries. Doordeweeks hebben we het te druk om naar de bakker te gaan.

In de winkel zie je elke zaterdag dezelfde mensen. Al jaren hoor je ze hetzelfde bestellen. Dat doe ik trouwens ook.

Vanmorgen was echter een bijzondere ervaring.
Al weken heeft de bakker aangekondigd dat er een nieuwe bakker zou komen. Een overname door een collega uit een ander dorp. Met folders en krantenartikelen werden we als consument erop voorbereid dat er wijzigingen zouden komen. Ander brood, ander assortiment, ander uiterlijk.

Vandaag was voor de zaterdagmorgen klanten de eerste confrontatie met de nieuwe broodlijn. Hoe bijzonder is het om zelf te voelen en te zien wat dit met je doet, zowel bij de andere vaste klanten als bij het personeel zie je dat aan hun houding en uitstraling, vertwijfeling, zoekende. Hier blijkt maar weer eens dat een verandering accepteren niet makkelijk is. Dat heeft tijd nodig.

Ik hoor de klant voor mij zeggen: 'Ik wil graag het brood welk altijd links boven lag!' Sorry zegt de winkeldame, dat hebben we niet meer, gelukkig draagt ze enkele alternatieven aan. Met een wantrouwende blik kiest de klant een brood. Zal mij benieuwen hoor ik haar zeggen.

Aan het personeel bespeur ik ook een gewenningsproces. De kassa werkt anders, de bestellingen terugvinden is niet makkelijk en ze moeten veel adviezen geven over het assortiment. Met als gevolg, het duurt langer. Elke klant is langer bezig met kiezen en dus keuzes maken. Ook dat levert een vervelende situatie op.

Toen ik binnenkwam zag ik al dat er iets veranderd was. Het zonnepitbrood, welke wij al jaren eten, was er niet meer. Op de plek waar dit altijd lag, lag iets anders. Er ontstaat twijfel bij het zien van al die nieuwe broden. Slik, wat nu........

Welk brood zou lekker zijn en welk brood is hetzelfde als 'vroeger (vorige week)'? Hoe reageren ze thuis als ik met iets anders thuis kom? Alom vertwijfeling, gelukkig ook bij de andere klanten, om me heen hoor ik, 'oh wat jammer', 'wat lijkt erop', 'dan doe maar wat minder, ik wil het eerst proberen'.

Mijn beurt:

Ik moest me ter plekke ook aanpassen, geen klein suikerbrood meer van 400 gram, maar van 600 gram. Geen rond zonnepitbrood meer maar een vierkant zonnepitbrood welk er het beste op lijkt volgens de verkoopster. Geen bruine bollen per 5 verpakt maar per 6. Kies ik nu één of twee zakken. Had er altijd twee dus 10. Tjee, wat een vertwijfeling, 6 broodjes of 12. Ik kies 1 zak dus 6 broodjes.

Ik ben benieuwd of er volgende week een opstand komt van de klant, 'ik wil mijn oude brood terug'. of ik zie de oude vaste klant niet meer terug. Eerst nog maar eens een andere bakker uitproberen. Helaas is er dan niet veel keus. Er zijn niet veel bakkers meer in het dorp.

Geef de bakker een kans, zou ik zeggen.

Is de bakkers verandering een verbetering? De tijd zal het leren, het is wennen.
Een verandering kan echter ook weleens noodzakelijk zijn, de oude bakker wilde wat anders. Dat is ook keuzes maken.



zondag 27 maart 2016

De jeugd is geweldig


Daag de student uit, geef een goede begeleiding, coach ze op een goede manier, geef als docent/ instructeur het goede voorbeeld en ze gaan ervoor. Help en ondersteun ze als ze het spoor bijster zijn, zet ze weer op het goede pad.



De afgelopen weken heb ik wederom gezien dat de jeugd tot veel grootste dingen in staat is als ze uitgedaagd worden.

Het pop-up restaurant van de Hotelschool en Arends Culinair. Samenwerking tussen school en bedrijfsleven om gedurende 2,5 week een pop-up restaurant te runnen in Venlo. Docenten/ instructeurs en de eigenaars van Arends Culinair hebben de studenten begeleid en gecoacht naar ondernemerschap. Iedereen heeft laten zien dat ze echt 2,5 week een echt restaurant kunnen runnen.
De begeleiding en coaching is gestart in november 2015 en had de afgelopen weken zijn hoogtepunt. 24Drie, het restaurant was een feit. Veel gasten hebben genoten van de jeugd. De coaching en begeleiding is het halve werk, de rest doen de studenten zelf. Docenten/ instructeurs die zelf meehelpen als het even tegenzit is het goede voorbeeld geven. Daarna weer loslaten......

De Champion Challenge, het tweede voorbeeld, een interne wedstrijd tussen zelfstandig werkende koks en zelfstandig werkende gastheren/ vrouwen. Opgezet en uitgevoerd door fanatieke betrokken vakmensen uit het bedrijfsleven. Samen met school voor de student een mooie wedstrijd georganiseerd. Je zag de studenten uitgedaagd worden door een mooie maar pittige opdracht.

Afgelopen week was de musical van de opleiding recreatie, niet van de Hotelschool, maar wel een unieke prestatie van een groep geweldige jonge mensen.
Een musical organiseren die klein begon, het zou een klein project zijn maar groeide uit tot een grootste prestatie. Twee voorstellingen in de Maaspoort Venlo. Twee geweldige avonden met dans, muziek en geen playback maar echt gezongen.

Hier ook weer, goede begeleiding, goede coaching en docenten die het voorbeeld geven door mee te spelen, te dansen en te zingen. Ook hier professionele ondersteuning van professionals uit het bedrijfsleven. De aanloop was ook hier lang, voorbereiden, oefenen, oefenen en nog eens oefenen, het heeft geloond. De musical "De Drie Musketiers" met de pakkende slogan "Eén voor allen, allen voor één". Studenten, docenten/ instructeurs met bedrijfsleven, allen met één doel voor ogen, presteren voor een geweldige prestatie.

Kennis en ervaring van het bedrijfsleven bij projecten op school, hoe geweldig is dat. Daardoor kun je de studenten beter uitdagen en motiveren tot grootste prestaties. Het is echter.....

Binnen vier weken 3 geweldige projecten van en door studenten. Alle 3 de projecten om de student te laten groeien in zijn vakmanschap, samen met het bedrijfsleven.

Dat is de toekomst, meer samen. "Eén voor allen, allen voor één"

zondag 20 maart 2016

Opstappen en uitstappen

Het onderwijs wordt niet van vandaag op morgen beter....



Het wordt beter als we bereid zijn om te investeren. Natuurlijk zegt iedereen dan laat de organisatie maar in mij investeren. Dat ik een scholing moet volgen is een taak van de baas, die moet tijd en geld vrij maken voor mij, voor mijn ontwikkeling.

Voor mij!! Omdat de baas het wil! Vreselijke woorden.

Zo krijg je naar mijn mening over een paar jaar geen beter onderwijs. Beter onderwijs begint bij jezelf, wil jij een authentieke medewerker zijn die zich inzet om de student te laten ontwikkelen.

Is de eerste stap dan niet dat jij als onderwijsmedewerker je wilt ontwikkelen? Zelfs zonder dat je baas zegt dat je je moet scholen. De motivatie om te scholen begint bij jezelf. Intrinsieke motivatie om het beste uit jezelf te halen zodat je het beste uit de student kunt halen.

De persoonlijke ontwikkeling van een onderwijsteam doe je door een professionele uitstraling te creëren. Een omgeving waar ontwikkeling voelbaar is bij iedereen, bij de medewerker en bij de student. Zelfs bij de medewerkers die niet direct betrokken zijn bij het onderwijs. Dus ook de facilitaire ondersteuning en andere ondersteunende diensten. Iedereen straalt zijn eigen professie uit en draagt dit uit.....

Medewerkers trainen doe je met elkaar, niet alleen losse vakcursussen (deze trouwens ook) maar langdurige aandacht voor ontwikkeling. De druppel wordt vanzelf een vlek en spreidt zich uit over een team of organisatie. Een professionele organisatie. Met kleine stappen vooruit, waar elke medewerker in zijn professie (van docent tot conciërge) zich thuis voelt en dus tevredener zijn werk uitoefent.

Ik omarm de werkwijze van Stichting Leerkracht, ondertussen ben ik ook al zover dat de naam niet alleen moet zijn 'Stichting Leerkracht'. Het gaat verder dan alleen de onderwijsmedewerkers. Ook de receptie mevrouw, de kantine medewerker en de conciërge hebben een professie en dragen bij aan een professionele omgeving waarin de student het beste leert.

Het zou moeten zijn "Stichting Kwaliteit Schoolmedewerkers".

De trein gaat verder, ondertussen moeten ook de niet onderwijsgevenden opstappen om bij te blijven. Hoe ziet het toekomstgericht onderwijs eruit is voor hun ook van wezenlijk belang? Van mij zijn ze welkom en mogen gratis mee bij de onderwijsontwikkeling. Ik ga ze vragen om op te stappen. Hoe kunnen ze anders ondersteunend zijn aan de ontwikkeling van een student.

Trouwens,

Ik heb het de laatste tijd alleen maar over dat de trein voortgaat en wie er niet opzit niet meer mee kan komen. Er is ook niets mis mee om uit te stappen als je er achter komt dat je op de verkeerde trein zit.

Opstappen en uitstappen kan op hetzelfde station.

zondag 13 maart 2016

Innovatieve randvoorwaarden

Innovatie gaat verder dan alleen het onderwijs ontwikkelen.


Alle wilde plannen die wij als onderwijs nu aan het bedenken zijn worden straks werkelijkheid. Of het nu 21ste Centrury Skills zijn of het onderwijs in 2032, zoals ik al schreef de trein is in beweging en niet meer te stoppen.

Het hele curriculum is wel overwogen omgezet in nieuw onderwijs, stapje voor stapje wordt het onderwijs geschreven. Dus wij zijn er klaar voor. Kom maar op 21 ste Century!



Maar zijn we er dan......

Heeft er al iemand stil gestaan bij enkele randvoorwaarden? Hoe ziet het lokaal van de toekomst er dan uit? Kan een student volgend jaar leren in een omgeving die ook uitnodigt om te leren?

Of is dat niet nodig? Kijk naar het eerste plaatje van een lokaal uit 1960.

Of het plaatje hieronder

Een lokaal anno 2010, zoals ze er nu nog steeds uit zien met het verschil dat het krijtbord vervangen is door een 'smartbord'. Helaas wordt dat nog te vaak alleen gebruikt als 'projectiescherm' voor de beamer. Hoe hilarisch.








Dan de toekomst

Veel mogelijkheden om creatief te zijn, uitnodigend om te leren, veel ICT mogelijkheden en veel ruimte om allerlei dingen te ontdekken. Samen leren, open, transparant en studenten uit verschillende leerjaren en opleidingen en diverse docenten werken naast en met elkaar.

Door input van een collega over het nieuwe leren en onze lokalen op de locatie heb ik me dus de vraag gesteld: Hoe kunnen we nieuw onderwijs maken als de randvoorwaarden achterblijven?

In het lokaal van de toekomst werken creatieve docenten die met de studenten aan de slag gaan om samen te leren en te ontdekken.

Een noodzaak zou dus zijn dat de inrichting van een aantal lokalen in gelijke tred blijft met de ontwikkelingen in het onderwijs. Of is deze zorg ongegrond omdat in 50 jaar niets veranderd is aan de inrichting van de meeste lokalen?

Gelukkig zijn er ook nog docenten die zonder een hip, modern lokaal creatief kunnen zijn om hun les te geven op krijtbord of op het smartbord schrijven.

We have a dream ......

Thanks William